Afgelopen week en komende week zijn drukke weken. Veel essays en deadlines, maar ook ontzettend veel feestjes. Zo ben ik gisteren op een vreemd feest ergens midden in de bossen in the middle of nowhere in een oude verlaten vervallen fabriek beland (geen zorgen mam, we waren met een groep van dertig mensen en keerden weer terug met zo’n honderd man tegelijk), hebben ik en mijn corridor mates vorige week de verjaardag van mijn lieve Chinese huisgenoot gevierd (die dronken was na één shot wodka ghehe) was er vandaag een verjaardagsfeest van twee meisjes en is er morgen een feest in mijn gang. Komende weken staan in het teken van afscheid en studeren, feesten en de zomer plannen. Mensen komen bij mij op bezoek, ik ga naar een vriend in Parijs deze zomer en ga mensen rondleiden door Amsterdam. Ook staat er nog een kajakweekendje gepland waarbij we de prachtige eilanden rondom Stockholm gaan verkennen. Ik wou dat het nooit ophield. Maar het einde komt in zicht en ik moet over vijf weken weer terug naar Nederland. Ik weet niet precies wat ik mis, maar ik mis Nederland toch wel een beetje. Wanneer je steeds maar met buitenlanders omgaat bedenk je je eigenlijk pas waarom Nederland zo typerend is. Een best bijzonder landje met een best bijzonder volkje. Hier wat vooroordelen na een grondige analyse nog eens opgesomd:

Nederlanders
praten verschrikkelijk. Wat een taal! Een soort van Duits (wat ook al niet echt melodieus klinkt) maar dan met die verschrikkelijk keelrochel er doorheen. Wanneer je aan iemand vraagt hoe voor hem/haar het Nederlands klinkt, krommen je tenen en voel je een golf van schaamte. KrGRKGrrrgGGkkGRRR. Zoiets krijg je dan. Alsof iemand een taal oprochelt, herkauwt en uitkotst. Ik probeer mensen tevergeefs te overtuigen dat ik uit het zuiden van Nederland komt, waar ze met een vriendelijke zachte G praten. Helpt niks. Mijn ‘harde R’ is ook verschrikkelijk. Klinkt ongeveer hetzelfde. Schijnt.
zijn saai. Daar waar de gemiddelde Erasmusstudent acht dagen per week uitgaat, vijfentwintig uur per dag zuipt en anderhalve studiepunt haalt, wordt de UB regelmatig door een kudde Nederlanders bemand. Vele buitenlanders komen rechtstreeks van papa en mama uit huis, zijn ineens vrij, weten niet goed wat ze met deze vrijheid moeten doen en zetten het op een feesten. Zij beschouwen Eramus als een gigantische lange vakantie naar Lloret de Mar. Ofzo. Wij Nederlanders zitten gemiddeld al drie jaar op kamers, hebben al flinke sociale levens opgebouwd in onze eigen stad en kennen dat gefeest nu wel. Natuurlijk houden wij van een feestje, we zijn ook de beroerdste niet, maar twee dagen per week is genoeg toch? En als we er zijn, dan zijn we er en dat zul je merken ook. Maar bovenal genieten wij van de vrijheid die we hier hebben, de sociale levens minder groot, de verplichtingen lager, en dat betekent heerlijk suffig filmpjes kijken, in parkjes hangen en chillen alsof je leven ervan afhangt. Heerlijk!
zijn soooo two minutes ago. Met name de Nederlandse man. Waar zij laffe pogingen doen om mega-trendy te zijn met hun voorzichtige inspiratieloze V-halsjes, heeft de gemiddelde 2.0 Zweed inkijk tot op de navel en laat hij zijn shirt daarbij nog eens nonchalant over zijn schouder hangen. Beblote schouders alom, borsthaar geharst, opgeschoren kapseltjes, skinny-jeans hoog opgetrokken (niks geen onderbroeken die boven de broek uitkomen; sooooo 2008) en broek in de schoen. De Nederlandse man loopt al minstens drie jaar in dezelfde broek, trekt dat shirt van vorig jaar nog maar eens in de kast en heeft al minstens acht jaar hetzelfde kapsel. Nieuwe schoenen? Mnuh. All Stars zijn immers al jaren hip in Nederland. Lekker gemakkelijk! Nederlandse meisjes proberen het nog; wij zijn meer trendy dan bijvoorbeeld Duitsers, Belgen of Engelsen. Om over Oost-Europeanen maar niet te spreken. Toch zijn wij niks vergeleken met onze blonde Zweedse tegenhangers. Een broekpak-tuinbroek-ding? Mijn haar aan één kant geschoren? Sorry. Toch maar niet.
zijn te eerlijk. Wanneer mijn huisgenoot ons kenbaar maakt dat ie zijn haren gaat millimeteren schreeuw ik: ‘NOOOO!!’ Verbaasd word ik aangekeken, hoezo niet? Ik leg hem uit dat het waarschijnlijk heel lelijk bij hem is, hij krijgt er vast een dikke kop van, zijn haar is mooi hoe het nu is. Zoveel directheid is not done. Hij is zichtbaar beledigd, evenals twee andere huisgenoten die hun haar ook zo kort hebben. Ik probeer mezelf nog te verbeteren; bij sommigen is het misschien niet heel lelijk, maar ik houd nu eenmaal niet van gemillimeterde koppies. En ik zal zeker niet geforceerd zeggen ‘ahh.. moooi!’ wanneer hij met zijn gemillimeterde hoofd van de kapper af komt. Te laat. Snel wordt er een ander gespreksonderwerp aangekaart. Ik houd me maar wat meer gedeisd in het vervolg.
zijn nationalistisch. Koninginnedag, belachelijk enthousiast over het Nederlands elftal. We pakken iedere gelegenheid aan om in het oranje uitgedost te kunnen zijn. Vrijwel iedere Nederlander kan het eerste couplet van het volkslied meeblèren. Dat is helemaal niet zo normaal heb ik ontdekt. Fransen kunnen hun eerste zinnetje meedreunen, Amerikanen kennen veelal hun volkslied ook wel, Engelsen misschien nog een beetje, maar de rest van Europa heeft over het algemeen geen idee wat er precies gezongen wordt in hun volkslied. Ze kunnen het hoogstens een beetje neuriën. Wanneer wij in het buitenland een Mede-lander ontmoeten roepen we: ‘Heuujjj’ Of iets dergelijks. Het schept direct een band. Logisch zou je zeggen. Toch niet. Zweden schijnen dat niet te doen. Die hebben niet zoveel met hun land. Bij de vraag tijdens een college of zij zich ‘Zweed’ voelden, zeiden de Zweedjes volmondig ‘Nee.’ Ik, zeer verbaasd, vroeg waarom niet. ‘Wij zijn Europeanen, Scandinaviër misschien, mnuh. We zijn gewoon. Individueel?’ Rare lui. Wij zijn Nederlanders! Heuujj!
klitten niet samen. Alhoewel. Niet zo als de Fransen/Spanjaarden/Italianen dat doen. Zij brabbelen schaamteloos hun eigen taaltje wanneer er iemand bij is die de taal niet verstaat. Ik betrap mezelf en mijn landgenoten er dikwijls op dat we nadat iemand anders al afgehaakt is we nog steeds tien minuten lang in het Engels tegen elkaar staan te praten. Totdat iemand opmerkt: ‘O. We praten Engels.’ Nu moet ik zeggen dat ik heus wel met Nederlanders om ga hier. Dat is toch net wat gemakkelijker communiceren, je kan je beter in elkaar inleven en je hebt meer dingen gemeen. Toch heb ik nog maar een paar Dutch-only-nights gehad. Inclusief Koninginnedag. Die Fransen/Spanjaarden/Italianen zie je overal in kuddes. Zo.
worden niet serieus genomen. Heus. Wanneer je trots (zie kopje 4) zegt dat je uit Nederland komt wanneer je dat gevraagd wordt, kijkt men je eerst verward aan. Er is me zelfs al een paar keer gevraagd: ‘Where in The Netherlands? Belgium or Holland?’ Zucht. Wanneer je vertwijfeld ‘Holland’ zegt, roept men meteen: ‘Aaahhh Amsterdam! Coooooool!!’ We liggen met heel Nederland de hele dag stoned op straat, roken wiet, gebruiken drugs, gaan naar de hoeren en zijn allemaal homo of dan toch ten minste bi Toen ik in een normaal gesprek met een Pools meisje vertelde dat ik mijn master misschien in Amsterdam ga doen, begon ze te lachen en zei ze dat er dan wel niet veel van studeren terecht zou komen. Toen ik haar toebeet dat Amsterdam gewoon een mooie stad en heus wel meer dan drugs en prostitutie is snoerde ik haar de mond. Grmbl. Wel vinden ze ons cool en zijn we geliefd. Nog nooit een kwaad woord gehoord over Nederland. Dat is wel anders dan wat ik van sommige Duitsers hoor, de arme stakkers.
zijn zuinig. Jawel. Waar onze zuiderburen er al sinds jaar en dag flauwe grappen maken, heeft de rest van de wereld geen weet van ‘gierige Ollanders’. Toch zijn wij gierig. En mocht dat nou eens goed van pas komen in een duur land. In een duur land waar veel waarde gehecht wordt aan self service, zodat je steeds opnieuw je koffie bij kan vullen. (Jaja, denk aan IKEA, daar kan dat ook, je ijsjes mag je zelfs zelf tappen! Wat een land!) Zo vaak je maar wilt! Misschien word je na drie keer bijvullen wat vreemd aangekeken, maar dat weerhoudt de Nederlander niet om na vijf koffie, waarvan vier gratis, stuiterend van de cafeïne het café te verlaten. Ook is vrijwel overal gratis tapwater te krijgen. Gratis! Kan je gewoon zelf bijvullen! Ideaal; gewoon geen drinken bestellen en blijven profiteren van het gratis water. Moeten ze in Nederland niet proberen. Daar schotelen ze je niet voor niets water uit een fles voor als je om tapwater vraagt; betalen moet je, anders zou heel Nederland hun watertje keer op keer gratis bij komen vullen.
zijn leuk. Ja lieve Nederlanders. Ik mis jullie en ik mis Nederland. Ik mis fietsen, ik mis de Albert Heijn, ik mis de Knorr-wereldgerechten, ik mis lekker terrassen met een rosébiertje zonder diep in je portemonnee te hoeven graven, ik mis het brood, ik mis boerenkool, ik mis rookworst, ik mis erwtensoep, ik mis perenijsjes, ik mis gezeik op de NS, ik mis hagelslag, ik mis Nederlandse liedjes meeblèren tijdens uitgaan, ik mis het slonzige van de Nederlanders, ik mis niet vreemd aangekeken worden als je met slippers, onopgemaakt en een bril op je net wakker geworden snoet de plaatselijke supermarkt betreedt, ik mis de voorgesneden groente, ik mis boontjes (heb je hier niet!), ik mis Koninginnedag, ik mis Bevrijdingsdag, ik mis de slechte TV-programma’s en natuurlijk mis ik jullie. Want ondanks de eigenaardigheden zijn Nederlanders toch best een beetje leuk hoor.